Vergiftiging

Men draaft altijd maar door over de vraag of er vitaminevergiftiging bestaat.

Alles kan vergiftiging veroorzaken.

Het is een kwestie van hoeveelheid.

We gebruiken het woord vergif voor stoffen die vergeleken met andere stoffen in relatief kleine hoeveelheden ernstige symptomen veroorzaken.

Maar de geneeskunde kent ook watervergiftiging.

Met water kunt u een mens doden.

Zo ook zuurstofvergiftiging.

Iemand doden met zuurstof is niet moeilijk.

Vergif, dat is een kwestie van omgeving en hoeveelheid.

Het is geen absoluut begrip.

Arseen, cyanide en de meeste medicijnen zijn vergif omdat we er niet veel van nodig hebben.

Hoeveel dan?

Hoeveel vitaminen nodig?

We kunnen kijken hoeveel vitaminen mensen nodig hebben.

En hoeveel wordt gedekt door onze huidige voeding?

Het ministerie van Volksgezondheid heeft een leuke regel over voedingssupplementen.

Ik vind die tekst op het etiket van een voedingssupplement geweldig, dat stelt dat:

'Men niet mag suggereren dat mensen naast hun gewone voeding supplementen nodig hebben.'

Fantastisch, niet?

Bij water mag men zelfs niet suggereren dat het de dorst lest.

20 kilo appelen voor 1000 mg
vitamine C

Ik heb een publicatie bekeken van het centrum voor voeding en voedselveiligheid met het vitaminegehalte van onze levensmiddelen.

En ik heb me weer op Albert Szent-Györgyi gebaseerd.



* Albert Szent-Györgyi von Nagyrápolt (Boedapest, 16 september 1893 – Woods Hole Massachusetts , 22 oktober 1986) was een Hongaarse arts en Nobelprijswinnaar voor de Geneeskunde.

Om 1000 mg vitamine C op te nemen, niet zo veel, dat klopt:

Daar moeten we dagelijks 2,5 kilo citroenen voor verorberen.

Of 1,5 kilo paprika bij ons broodje eten.

Anders 14,5 kilo perziken, ik kom maar aan 12 kilo.

Of 20 kilo appelen.



Gezondheidsprogramma

De regering had een gezondheidsprogramma.

Dat droeg de naam van Béla Johan.

Béla Johan was professor in de volksgezondheidsleer.

In 2002 ontstond het programma dat zijn naam droeg.

Professor Béla Johan schreef een voorwoord voor een in 1943 verschenen boek.

65 jaar geleden, op 20 februari 1943, publiceerde Dr. József Sóos een boek met als titel: ‘Hongaarse voedingsleer’.

Een geniaal boek. Het voorwoord alleen al is geniaal.

Ik ga hieruit citeren:

“Medisch onderzoek houdt zich al lange tijd bezig met de kwantiteit en kwaliteit van de voeding van de mens.

Praktiserende dokters richtten zich lange tijd alleen op voedingsproblemen die ze zagen bij zieken.

De staat zag vroeger, maar vaak ook nu nog, enkel problemen met de hoeveelheid voeding.

Het volk voeden achtte men een kwestie van rijst, aardappelen of tarwe, al naargelang het land.

Eens het hongergevoel verdwenen, achtte men het probleem opgelost.

De studie van gebreksziekten vestigde de aandacht op kwalitatieve behoeften.

Gedetailleerd onderzoek naar voeding de afgelopen drie decennia heeft aangetoond dat de behoefte aan voeding op kwalitatief gebied best groot is.”

Noodzaak vitaminen

In 1943 omschreef men voor het eerst in Hongarije, na drie decennia onderzoek, dat mensen een grote hoeveelheid vitaminen, mineralen en spoorelementen nodig hebben.

Verder schrijft hij:

“Het moderne sociaal beleid zal er niet alleen naar streven om het fysiek hongergevoel weg te nemen, maar ook ervoor zorgen dat mensen geen honger lijden in fysiologisch zin.”

Dat betekent dat ze aan vitaminen en mineralen komen.

Dus dit thema is bekend.

Dus hoeveel we nodig hebben, kunnen we uitrekenen.

Inhoud voeding 'tragisch'

Tweede vraag: hoeveel garandeert onze voeding?

Professor Johan schreef het al.

Al in 1943 achtte men het vitaminegehalte van gewassen tragisch.

Verbeterd is het zeker niet.

Het vitaminen-, mineralen- en sporenelementengehalte daalt, daalt, daalt.

Maar Albert Szent-Györgyi zei lang geleden al het volgende.

“Ik sta ervan te kijken dat de mens in een dergelijk klimaat überhaupt in leven is gebleven.”

Uit opgravingen is ook gebleken dat de mens in Europa altijd erg ziekelijk was.

Dat kon ook niet anders.

Professor Albert Szent-Györgyi.

De eerste stap is dus bepalen hoeveel we nodig hebben, begrijpen waarom we zoveel nodig hebben en de producten maken die dat kunnen waarmaken.

Onwetendheid verkeerde informatie

De volgende stap dan.

Strijden tegen onwetendheid, verkeerde informatie en bedrieglijke propaganda.

Dat is belangrijk en veel werk.

Mensen zijn nogal misleid door wat men zegt over overdosering, nierstenen vanwege vitamine C, in vet oplosbare vitaminen die zich ophopen in het lichaam.

Albert Szent-Györgyi zei het als volgt:

“Vitaminen zijn voedingsstoffen en als we ze niet nemen, zorgt het voor ziektes.”

We bekeken het document van de EU, er is geen beperking.

Maar in onze gedachten zijn er beperkingen.

Want mensen weten het niet goed.



* Van het transcript van de presentatie 'Het leven is mooi' van dr. Gábor Lenkei